Teruggekomen bij de caravan, besloten we uit eten te gaan. Toen wij op het terras van een rastaurant, niet ver van de camping, hadden plaats genomen, kwam een jong obertje vragen wat wij wilden. Ik bestelde in het turks een sinas en een bier. (Lenie reed terug) en daarna vroeg ik om de menukaart. Die hadden ze niet. Ik moest de ober volgen naar de keuken, Daar kon ik mijn keuze maken. Ik bestelde 2 porties Köfte kebab (Gehaktballen, lekker gekruid), brood en een tomatensalade.
Toen kwam het: Naast onze tafel werd een barbeque neergezet, uit een grote oven werd gloeiend houtskool gehaald en het vlees werd op een afzonderlijk tafeltje naast ons opgediend. Het vlees moesten wij zelf grillen. Het was voortreffelijk van smaak en zoiets hadden we nog niet eerder meegemaakt. En voor de prijs van 2 X Köfte kebab, 2 bier, 1 sinas, 2 salades en brood, voor 16 gulden (€ 7,00)
Toen we terug bij de caravan waren, bleken wij overvallen te zijn, door een grote zwerm mussen. Misschien waren het er wel 1000, die in de bomen boven de caravan zaten. Ze poepten de hele caravan vol en wij moesten van nood in de caravan plaatsnemen. Nou dat was me het dagje wel....pffff.

Donderdag 6 september:
Voordat we de reis konden voortzetten hebben we eerst de auto en de caravan afgespoeld met water. De eigenaar van de camping kon dit niet waarderen, maar wat moesten we anders. We hadden geen uitzicht meer en met zo'n combinatie op straat te rijden, vol met vogelpoep, was om te schamen.
Om 06.30 uur, vertrokken we dan voor een reis van ongeveer 500 kilometer. Van Bursa naar Pamukkale.
De reis was heel mooi. In de omgeving van Bursa bossen (Net Ober-Österreich maar dan wat dunner bevolkt) Verder naar het zuiden werd het steeds warmer en kaler.
We kwamen kort voorbij het plaatsje Bözüyük deze Moskee tegen:

Kennelijk nieuw gebouwd en van verre zag je het dak al glinsteren. Op internet gezocht en nu(2009) zijn er ook twee miranetten bijgebouwd.

Dan gaat het verder naar het zuiden. Af en toe een vrachtwagen. Nagenoeg geen gewone auto's.

De plaats Kütahya ligt op 930 meter hoogte http://de.wikipedia.org/wiki/K%C3%BCtahya
De plaats Afyon ligt zelfs op 1000 meter. Dus een echte hoogvlakte. In die gebied wordt voornamelijk graan verbouwd. De oogst was juist gedaan en bij de kleine boerderijtjes lagen overal bulten de graanbulten.

Een herder die zijn schapen op een stoppelveld liet grazen, wilde wel poseren met een schaap onder z'n arm.

Richting de stad Denizli ligt een meer, althans, zo staat het op de kaart. In werkelijkheid is dit een zoutmeer. Dus een grote zoutvlakte. Totaal uitgedroogd. Het was daar ook "bloedheet". Dit meer heet Acigöl.

(Opm. Ik vond op internet afbeeldingen met flamingos in het Acigölmeer dus zal er in andere jaargetijden op op andere plaatsen in dat meer wel water voorkomen. 2009)

http://de.wikipedia.org/wiki/Acig%C3%B6l

Onze caravan en auro bij het Acigölmeer.

Tijdens het maken van foto's kwam een arm vrouwtje op mij af en vroeg of ik geld had. Ik zei dat ik maar weinig had. Ze antwoordde dat ze ook niet veel nodig had. Lenie en ik hebben haar 1000 lira gegeven en haar zoontje ook 1000 lira. Verder een brood en twee appels.
We kwamen om 15.00 uur op de camping in Pamukkale aan.
http://de.wikipedia.org/wiki/Pamukkale
Vastgezeten met de auto op een stuk parkeerterrein dat net aangelegd was. Ik zakte er met de auto gewoon doodheen. Op de camping een plaatsje gezocht.
Bij de camping, die verder niets voorstelde, waar wij van de accomodaties gebruik kunnen maken. Er was ook een zwembad en wij hebben heerlijk gezwommen, gedouched en daarna een pilsje en een wijntje gedronken. Daarna gegeten. De prijs van de camping viel mee. Ongeveer 20 gulden per nacht ( € 9,00). Maar het eten was duur en lang niet zo lekker dan de vorige keren.
Morgen gaan we de omgeving en Pamikkale eens nader bekijken. Vandaag was het hier bloedheet 32 gr.


Vrijdag 7 september:
's morgens in de auto gestapt en op zoek gegaan naar de ruines van Colosse. (Collosai) Die moet hier vlak in de buurt zijn. Hoe ik daarbij kom om juist die plaats te zoeken, heeft een bijbelse achtergrond. Mijn archeologische kennis stamt alleen uit de kennis uit de Bijbel.
Volgens de Bijbelse enceclopedie:
Kolosse, Een stad in het dal van de Lykos, een zijrivier van de Meander; thans een ruine in de nabijheid van Chonas. Het was in Paulus tijd een kleine welgestelde stad aan de voet van de berg Kadmus.

De apostel Paulus is mede verantwoordelijk voor de oprichting van deze gemeente en schreef een brief aan deze gemeente:
De begroeting luidt als volgt (Vers 1 en 2):
Paulus, door de wil van God een apostel van Christus Jezus, en Timotheus, onze broeder, aan de heilige en gelovige broeders in Christus te Colosse: Genade en vrede zij u van God, onze vader.

Door de lokale bevolking werden we van het kastje naar de muur gestuurd. Niemand wist het eigenlijk precies te vertellen. Alhoewel de ruines volgens de kaart bij het plaatsje Honaz moesten liggen.
Uiteindelijk op aanwijzingen van een Turkse jongen vonden wij dan toch de "ruines". Deze bestonden niet meer dan uit een stapel stenen, die men kennelijk uit het bouwland naar boven hadden getrokken. Uit sommige scherven van potten kon je alleen zien dat je niet te maken had met een "stortplaats" van stenen, Kolosse en Laodicea werden in het jaar 60 na Christus door een aardbeving getroffen en totaal verwoest. Door aardverschuivingen is de stad geheel onder de aarde verdwenen en er zijn nog geen opgravingen gedaan.
Dus enige tientallen jaren na dat de brief van Paulus is ontvangen, werd de stad geheel verwoest. http://de.wikipedia.org/wiki/Kolossai
 



Onze schatgravingen hebben we niet meegenomen.



Van de stad Laodicea is meer over. Althans in de buurt van de stad staat een gebouw, dat mogelijk dienst deed als een Karavansaray. Een gedeelte is weer opgebouwd. Op een andere plaats, zo'n 1,5 kilometer verderop, op een berg gelegen, waren ruines van dat gedeelte van de stad te vinden. Kennelijk is het een grote stad geweest, die kwa ligging een strategische positie in moest hebben genomen.Vanaf die berg overzie je het hele dal, waar vroeg de karavanroute langs liep. Steden of plaatsen aan die route fungeerden als rustplaats. In het Turks saray, (kasteel) genoemd.
Aan bepaalde plaatsnamen kan men dit nog steeds terug vinden b.v. Aksaray.
Deze route liep vanuit het oosten (Mesapothamie) naar Izmir, het vroegere Smyrna. en Efese.

In de brief die de apostel Paulus aan de gemeente in Kolosse schreef, schrijft hij o.a.

Epafras laat u groeten, die één der uwen is, een dienstknecht  van Christus Jezus, altijd in zijn gebeden voor u worstelende, dat gij moogt staan, volmaakt en verzekerd bij alles wat God wil. Want ik kan van hem getuigen, dat hij zich veel moeite heeft gegeven voor u en voor hen die te Laodicea en te Hierapolis zijn. De geliefde geneesheer Lucas en ook Demas laten u groeten:
Groet de broeders te Laodicea; ook Nymfa met de gemeente bij haar aan huis. En wanneer deze brief is voorgelezen, zorgt dan dat hij ook in de gemeente van Laodicea voorgelezen wordt en dat ook gij die van Laodicea u laat voorlezen.......
Een eigenhandige groet van mij, Paulus. Gedenk mijn gevangenschap. De genade zij met u.


 
Een stuk van de poort steekt nog boven de grond uit. Rechts de strategische ligging.
http://de.wikipedia.org/wiki/Laodikeia_am_Lykos


Hierapolis  http://de.wikipedia.org/wiki/Hierapolis

 
De caravansaray
Toch een vreemd gevoel als je daar staat en de bovengenoemde brief van Paulus leest. Na iets minder dan 2000 jaren, niets meer van over dan een paar puihopen. en ruines. Zelfs het Christengeloof is hier (bijna) totaal verdwenen.

Na de middag zijn we naar het natuurwonder Pamukkale gegaan: Het is inderdaad prachtig, alleen stroomt er nu wat weinig water door. Op anzichtkaarten staan de grootste van deze basins vol water. Nu staan ze droog. Hotels in de buurt tappen water af voor hun pools.
Het water is heerlijk warm. Alleen met de zon en de witte kalkrotsen maakt kijken zonder zonnebril bijna onmogelijk. En het was er bloedheet waarschijnlijk zo om de 40 graden. 
 



Terwijl de nacht in Pamukkale heerlijk koel was.
Toen wij bij het hotel/camping terugkwamen, was alles druk bezig met de voorbereidingen voor de bruiloft van de baas van de zaak. Niemand had aandacht voor de camping/hotelgasten. Wij vroegen of wij nog wat konden drinken. Wanneer wij dat beslist wilden, kon dat nog wel. Dit was de druppel die de emmer deed overlopen en zo zaten we een kwartiertje later, om 16.00 uur in de auto met de caravan erachter, richting Kusadasi: http://de.wikipedia.org/wiki/Ku%C5%9Fadas%C4%B1
De hele weg hadden wij een sterke tegenwind en bij beklimming van de laatste berg voor Kusadasi zijn wij gestopt, omdat de motor nogal warm werd en de temperatuur niet wilde zakken. Ook niet bij de afdaling. Ditzelfde euvel hadden wij ook gehad in de buurt van Kassel (Dl), maar verder niet meer.

De afdaling naar Kusadasi

Om 19.00 uur waren we in Kusadasi op de camping Önder.
http://www.camperado.de/de/campingdetails/Campingplatz_Oender__43789
De camping ligt middenin het plaatsje en ziet er keurig verzorgd uit. Een restaurantje en een bar aan de voorzijde. Warme douches en alles schoon.
 
Na een döner gegeten te hebben van rundvlees zijn wij het dorp ingelopen. Héél gezellig was dat. Het is heel wat anders dan dat wij tot nog toe gewend waren.          Dit is echt touristisch!!
Het klimaat is er ook heel anders. Vanaf Aydin, zo'n 60 kilometer van de kust, zie je de eerste palmbomen. Verder landinwaart kan het streng vriezen, dus daar geen subtropische vegitatie.

Zaterdag 8 september:
Vandaag hebben we een rustig dagje in Kusadasi gehad. Het was zo'n 31 graden, stralend blauwe hemel. We hebben gewandeld en het plaatsje bekeken.
's Middags een broodje dönerkebab gegeten en 's avonds Adana kebab (Pittig gehakt om een spies en dan gegrild.

Zondag 9 september:
Efeze bekeken. Zeer interessant. Mooi bewaard gebleven. Ruines o.a. de St. John Basilik bezocht. In deze kerk zou de apostel Johannes begraven zijn. Of dit waar is weten we niet. Dat horen we later wel. Een boek gekocht over Efeze in de Nederlandse taal. Je kunt je niet meer voorstellen dat Efeze vroeger een havenstad geweest is. Er zouden daar 200.000 mensen gewoond hebben. Toen de haven verzande en rondom de rivier een zoetwaterdelta ontstond, brak er malaria uit en uiteindelijk vleven in Efeze maar 10.000 inwoners over.


  
Zicht vanaf en naar het amfitheater op de pier waar vroeger de schepen afmeerden.

die zich vooral vestigden op de nabij gelegen berg. Thans is daar het plaatsje Selcuk gevestigd en er wordt driftig profijt gemaakt van de aandacht die de westerse touristen voor deze plaats hebben. In de St. John Basilik kun je zien dat het vroegen een Christenkerk was. Er is zelfs nog een doopplaats overgebleven:

De St. John Basilik.
 
Het graf van de apostel Johannes in deze Basilik: en een doopbasin in de vorm van een kruis. Bij de doop stond de priester in het midden van het kruis en nam het doopwater uit één van de basins naast hem en doopte daarmee. Men is bezig met renovatie, maar dat zal nog wel wat jaartjes duren.
 
De St. John Basilik.


De geschiedenis van Efeze door de eeuwen heen:

Mozaik bestrating:

Het amfitheater
 
Op de achtergrond de bibliotheek. Recht de bibliotheek.

Na de middag terug bij de caravan en lekker in de schaduw gezeten. Het was weer ontzettend heet 33 graden. Toen het wat koeler was, het appartement Aydin opgezocht, waar Annie en Dick hun vakantie door hebben gebracht.
's avonds lekker gegeten en later aan de bar van de camping nog iets gedronken.
Wij namen het besluit om morgen naar een camping te gaan zo'n 300 km. noordelijker.

Maandag, 10 september:
Om 09.30 uur vertrokken vanuit Kusadasi. Via de kustweg, die o.a. dwars door Izmir gaat en ten noorden van Izmir, lang prachtige baaien en raecht katoenplantages en het Griekse eiland Lesbos, dat wij konden zien, kwamen we om 13.00 uur, op de camping bij het kleine plaatsje Ören.

Onderweg nog snel even wat kopen:

De camping bij Ören.
Deze camping wordt nagenoeg geheel bevolkt door Duitsers en is ook nog behoorlijk bezet. Je hebt niet het idee dat je in Turkije zit, maar meer in Duitsland. Je krijgt direct  een formulier in de handen gedrukt met "Dass Gesetz" (huisregels).
Wij houden daar als vrijkampeerders niet zo van. Vanmiddag gaan we de camping wel even bekijken en dan schrijf ik verder........
P.s. de temperatuur is hier een stuk lager. Wind van zee, strak blauwe hemel 26,6 gr.

Vanmiddag zijn we naar het campingstrand geweest. Het was lekker zonnen. Een strak windje uit zee en een septemberzonnetje.
's Avonds wilden wij eten op de camping. Het bleek "selfservice" te zijn. Je kon kiezen tussen goulash en kip, bereidt "nach Deutsche Art". Omdat wij orientaals wilden eten zijn we naar de, naast de camping gelegen, "Orientclub" gegaan. Daar moesten wij in het restaurant plaatsnemen tegenover een ouder Duits echtpaar, die aan hun gezichtsuitdrukkingen duidelijk lieten merken, dat zij het niet op prijs stelden, dat wij hen in hun privicy stoorden.
We zijn opgestaan en vertrokken. Hebben toch maar goulash gegeten. Wij hebben voor die camping en die club maar één woord over. Een "ballentent". Niet te vergelijken met b.v. Kusadasi. Daarom besloten we om morgenvroeg maar weer te vertrekken.
Het moet wel gezegd worden dat de camping mooi is angelegd met bomen en struiken en vanuit het restaurant hadden we een prachtig uitzicht over de zee en de ondergaande zon, die hier echt in zee zakt.

Dinsdag, 11 september:
Om 09.30 uur van de camping vertrokken. Via een mooie route naar Canakkali.
 
Daar op de boot naar Europa. We stonden op de boot vlak naast een paard met wagen. Gedure3nde de overtocht een gesprek gehad met de voerman. Hij sprak alleen Turks. Hij was samen met zijn zoon en ging elke dag een keer over met paard en wagen om hout weg te brengen. Hij had geen geld voor een auto. Zijn leeftijd 46 jaar, zijn zoon 23 en zijn dochter studeerde op de Universiteit in Istanbul. Het paard voor de wagen was 20 jaar oud. (Toch niet slecht voor mijn jaar Turks studeren).

Aan de overkant ging het een heel stuk langs de Dardanellen. http://de.wikipedia.org/wiki/Dardanellen
En later wat meer landinwaarts over wat bergen
 
Daarna werd het landschap een stuk saaier. Aangekomen bij de Grieks-Turkse grens, moest ik eerst bij de politie een stempel ophalen en daarna naar de douane. Aan de Griekse kant moest het kenteken opgeschreven worden in het paspoort. Daarna doorgereden naar Alexandroupolis http://de.wikipedia.org/wiki/Alexandroupolis Op de gelijknamige camping, een plaatsje ingenomen, maar het seizoen is voorbij.
 
Restaurant gesloten, dus zelf eten koken. Je kon merken dat de Wereldomroep gelijk had. Die voorspelde slecht weer voor Griekenland en Turkije. De temperatuur ging gestaag omlaag en was om 17.00 uur nog maar 24 graden. De bewolking kwam vanuit het wesen opzetten.
Op een gegeven ogenblik, toen Lenie aan het koken was, bedacht ik dat ik in Griekenland mocht zenden. Ik had mijn zender nog steeds in de auto. Toen ik het ding aanzette, hoorde ik een paar amateurs in het grieks met elkaar praten. Ik menge mij in het gesprek, in de engelse taal. Een amateur, die heel hard doorkwam zei dat hij op een afstand van 700 meter van de camping woonde en dat hij mij uitnodigde om zijn shack (zenderruimte van een amateur) te te bekijken. We maakten een afspraak dat hij ons zou ophalen met zijn auto. Op het afgesproken tijdstip kwam hij voorrijden in een Peugeot 404, oud model, het stuur aan de rechterzijde. Ik schatte de man op ongeveer 50 jaren.
In zijn shack, onder het genot van vermoedelijk een Metaxa, maar zeker ook cola, een leuk gesprek gehad. Eerst over de zendhobby, later over politiek (Niet zo briljant) Later onze namen in een gastenboek vermeld. Daarna bracht hij ons weer naar de camping. We kregen als herinnering een kaart van hem. De man voorspelde voor morgen regen. Wanneer het gaat regenen blijven we waar we zijn. Op straat is het daar dan veel te gevaarlijk.

Woensdag, 12 september:
10.30 uur. Zoals voorspeld, regen, koud. In de caravan 17 graden. Buiten nog wat kouder. Vandaag blijven we op deze camping. In de caravan wat lezen, spelletjes doen etc.
11.15 uur. Snel even naar het winkeltje geweest om booschappen te doen. De buitentemperatuur 14,1 graden. Koud en regen. Na de middag begon de zon er door te komen. Naar de stad gewandeld en op een terassje, bij inmiddels gestegen temperaturen, gegeten.
's Middags bij de campingbuurtjes, afkomstig uit Zoetermeer, koffie gedronken. 's Avonds weer naar de stad gelopen en gegeten.

Donderdag, 13 september:
Om 08.00 uur vertrokken vanuit Alexandroupolis. Het was bewolkt en er viel af en toe een drup. 14 graden. Naarmate wij meer westelijk kwamen in de richting van Thessaloniki http://de.wikipedia.org/wiki/Thessaloniki werd het weer beter.
De eerste woordenwisseling met Lenie gehad, omdat ik onderweg mijn planning wilde veranderen en naar een andere camping wilde als daat chemische fabrieken in de buurt zouden zijn. Dit alles bleek niet het geval te zijn en de geplande camping was echt iets prachtigs. Hij biedt plaats aan totaal 1600 caravans of tenten. Allemaal met een zeer ruim vak. Omdat het nu rustig is, mochten we zelf een plaats uitzoeken. We staan vlak aan zee en toch in de schaduw.
 
Ik heb vandaag in zee gezwommen. Het water is nog lekker warm en kristal helder. Wanneer je op het strend staat, zie je ongeveer 2 km naar rechts een klein plaatsje genaamd Asprovalta http://images.google.at/images?hl=de&rlz=1W1HPEA_de&pwst=1&q=Asprovalta&um=1&ie=UTF-8&sa=X&oi=image_result_group&resnum=4&ct=title
en naar links zie je een oneindig lijkend stuk strand. De kustlijn wordt omzoomd door hoge bebosde bergen. Tegen de middag kwam de zon ook weer tussen de wolken door en werd het in de schaduw nog 24 graden.
Tijdens het schrijven (we zijn net terug van een voettocht naar Asprovalta, waar we heerlijk Grieks gegeten hebben. Giros met toebehoren) onweert het in zuidelijke richting. We kijken vanuit de caravan pal naar het zuiden over de zee.
Ik zei vanmiddag tegen Lenie dat Judith zo'n 800 kilometer zuidelijker had gezeten tijdens haar vakantie.
De camping is nog redelijk bezet.
Nog iets over de weg door Griekenland tot nu toe. Deze voert door verschillende dorpjes en andere obstakels. Dan weer langs zee, dan weer het binnenland in tot vlak aan de bergen. De weg is zéér smal, maar men is druk doende dit aan te passen.

Vrijdag 14 september:
Vandaag op de camping een stranddag gehouden. In zee gezwommen. Door de afkoeling in de nacht, is het water ook een stuk kouder geworden. De zon scheen de hele dag, maar 's morgens eerst een harde landwind en 's middags vanaf zee.
's Avonds uit eten. Net toen we onze mixedgrill besteld hadden, viel de stroom uit in Asprovalta en moesten we een andere bestelling nemen. Wel wat duurder, maar ook lekker.
's Avonds koelt het hier flink af.

Zaterdag 15 september:
Het is de bedoeling dat we weer een Bijbekls historische stad op gaan zoeken. Dit is de stad Filippi. http://nl.wikipedia.org/wiki/Brief_van_Paulus_aan_de_Filippenzen 
Ok schreef de apostel Paulus een brief naar de gemeente te Filippi. De begroetingversen in de Bijbel luiden als volgt:

Paulus en Thiemotheus, dienstknechten van Christus Jezus, aan al de heiligen in Christus Jezus, die in Filippi zijn, tezamen met hun opzieners (ouderlingen) en diakenen; genade zij u en vrede van God, onze Vader en van de Here Jezus Christus.

Uit de Encyclopedie: Filippi, een stad in Macedonie, gelegen aan de vermaarde weg, de Via Egnatia. Toen Paulus op de 2e zendingsreis naar Europa was overgestoken, was de eerste plaats die hij bezocht Filippi. De hoofdstad van het district. Filippi was een kolonie, dat is een plaats, die aan de oudgediende  Romeinse soldaten was geschonken om er bij wijze van pensioen, land te ontvangen en te verbouwen. Dat zegt dat deze stad een ander karakter droeg dan de andere Macedonische steden.
 


 

 
We zijn inderdaad naar Filippi geweest. Heel mooi bewaard gebleven ruines in het binnenland. Je kon duidelijk zien dat het hier om een oud Romeinse stad ging.
Het was een puzzel om deze stad te vinden, omdat wij de griekse tekens niet konden lezen. Uiteindelijk met behulp van een aantal Grieken kwamen wij ter plekke.
Op de terugweg wat gedronken. Lekker weer 26 graden en de hele dag zon gehad.
's Avonds weer uit eten. We bestelden weer een mixed-grill Dit keer kregen wij de bestelling en zag er prima uit. Toen we goed en wel aan het eten waren, viel weer de stroom uit. Bij kaarslicht gegeten. Gezellig was dat. Alles in de omgeving donker. Nergens stroom.

Zaterdag, 15 september:
Vanmorgen werd Lenie "wakker" en vroeg of we net op deze camping waren. Ik zei "ja". Daarna vroeg ze of ze al naar de wc geweest was (tig keer) Ik zei "nee" Ze vroeg toen waar we waren. Ik heb dit uitgelegd. Later vroeg ze waarom ik tegen haar gelogen had over de wc's. Ik zei tegen haar dat je slaapwandelaars niet moest laten schrikken.

Zondag, 16 september:
Vanmorgen om 07.30 uur vertrokken uit Asprovalta, via Thessaloniki, richting Yugoslavische grens. Zéér slechte weg.
 
Links: de Yugoslavische (heden de Macedonische grens. Rechts: onderweg in Macedonie.

En nog hobbelt ons Chateautje achter ons aan zonder te klagen.
Richting Nis begon het bewolkt te worden en het is inmiddesl 19.30 uur. We staan op een camping. Koud "jas aan" weer. Op de camping, die bij een motel hoort, liep een onbetrouwbaar uitziend persoon rond. Op de camping zelf geen bewaking, betalen hoefde ook niet. Dit duistere figuur wees ons een plaats. In een gesprek met hem, leerden wij hem beter kennen. Hij bleek wel mee te vallen. Zijn vrouw werkte in Frankfurt in de prostitutie. Zijn drie kinderen, twee meisjes en een jongen waren in een dorpje nabij Nis. Hij verdiende zo'n 300 D.mark per maand als oppasser op de camping. We zijn de enige gasten en morgen vertrekken we weer.

Maandag 17 september:
Afgelopen nacht hebben Lenie en ik geen oog dicht gedaan i.v.m. de legubere omstandigheden op de camping. Ik zag in gedachten mijn auto al zonder wielen staan enz. Toen het licht begon te worden, zijn we opgestaan. We reden tegen 07.10 uur. Via Belgrado reden we naar de Hongaarse grens, omdat wij van Duitsers hadden gehoord dat voor dat land geen visumplicht meer was.
Gekomen bij de grens nabij de stad Szeged http://de.wikipedia.org/wiki/Szeged werden onze paspoorten ingenomen. Na wat gebel werden wij in een gebouw, voor een balie geloosd, i.v.m. de belangrijke lading, die wij bij ons hadden (In Turkije gekochte leren jasjes) waren we bang dat ze de auto zouden gaan doorzoeken en daarover problemen zouden maken, maar nee hoor. Het bleek dat wij een visum moesten hebben, die Dm 12,-- kosste. We moesten pasfoto's laten maken en na het verkrijgen van de Visa, konden wij Hongarije inrijden.
Een camping nabij de stad Szeged opgezocht. Leuk, vrij schoon, veel Polen en een stel uit Enschede (Wesselerbrink) Verder nog een aantal Nederlanders:
We hadden de hele dag zon en een temperatuur van ongeveer 22 graden, in de schaduw gemeten.
We zijn uit eten geweest en hebben boodschappen gedaan: Spotgoedkoop, zoals vele Hongarijebezoekers dat al hebben beweerd.
b.v. 1 fles goede rode wijn, 4 halve liters bier, 1 liter sinas, 1 ons salami en 6 broodjes ong. 10 gulden ( € 4,50 ]
Uit eten: Wiener schnitzel, beefsteak Hungarischer art (met o.a. gebakken, gerookt spek en paprika, 2 X patat, 2 X gemende salade en een fles goede rode wijn 21 gulden ( €9,30)
Benzine bij de Shell 1,05 gulden ( € 0,46 )
Maar ja voor de goedkoopte zijn wij niet op vakantie.
 
De stad szeged
Het is merkwaardig dat Oostblokland-figuren, rijdend in Lada's, Moskva's of zoiets uit Bulgarije en Polen sterk vertegenwoordigd zijn. Net over de grens in Hongarij, zie je die mensen staan. Ze verkopen onderdelen van auto's. Zelfs een heel motorblok stond er. Zij hebben geen visum nodig en wij "brave" touristen wel!!!
Het verkeer in Hongarije is heel rustig. Heel wat anders dan dat wij tot nog toe gewend waren.
In het restaurant, tijdens het eten, waren op de tv de weersberichten. Vannacht hier een minimum van 6 graden en morgen bewolkt bij max. 19 graden. Maar ja, het is nu al 17 september.
Morgen gaan we Szeged bezoeken en wel te voet. We zitten op 2,5 km van het centrum.

Dinsdag, 18 september:
Op de camping blijven staan en lopend naar de stad geweest. Mooie stad, warenhuizen bezocht. Op de autoshopafdeling alle onderdelen voor Lada's, Dacia's enz. te koop. Van Nokkenasdeksels tot karterpannen, naar zuigerveren.
Het was bewolkt bij een temp. van 18 graden. Af en toe een spatje regen, zonder daar echt nat van te worden. Tegen de avond begon de zon er weer door te komen.

Woensdag, 19 september:
Om 09.30 uur vertrokken vanuit Szeged, bij een stralende zon. (Radio Wereldomroep: Nederland "Storm en regen".) We reden door een gedeelte poesta
http://nl.wikipedia.org/wiki/Poesta of wat daar nog van over is. Het leek Nederland wel. Toen naar Boedapest gereden http://de.wikipedia.org/wiki/Budapest In deze stads moest een camping zijn, maar na een tijdje rondgereden te hebben verdwaald. We wisten echt niet meer waar we waren.
Daarom besloten wij Boedapest voor gezien te houden en namen afscheid van deze stad, rijdend in de richting van Györ http://de.wikipedia.org/wiki/Gy%C5%91r Onderweg besloten we om naar het plaatsje Komarom te gaan. http://de.wikipedia.org/wiki/Kom%C3%A1rom Dat ligt aan de Donau, in Hongarije, op de grens met Tsjechoslowakije http://nl.wikipedia.org/wiki/Tsjecho-Slowakije Prima camping. Thermal. Het staat er, ondanks dat het geen seizoen meer is, vol met Duitsers, Nederlanders en Oostenrijkers.
Het was tot op heden deze dag heel mooi weer temperatuur max 22,7 gr.
Om 16.15 uur werd het wat bewolkt en direct lange broekenweer.

Donderdag, 20 september:
Dagje camping gehouden. 's Nachts heeft hetr geregend. De volgende ochtend scheen de zon volop aan een strakblauwe hemel. Temp 23 gr. C. 's Avonds uit eten geweest. Overdag wat boodschapjes gedaan en op visite geweest bij mensen op de camping. (Een ex-Enschedeer en een ex-Losserse) Gezellig gebabbeld.
's Avonds regende het weer.
 
De Donau nabij Komaron in Hhongarije. Tevens grensovergang naar Tsjegoslovakije.


Dan nemen we afscheid van Hongarije en de Donau het gaat morgen zo snel mogelijk naar huis......

Vrijdag 21 september:
On 07.30 uur vertrokken. Mist tot aan de Hongaarse-Oostenrijkse grens. Toen kwam het zonnetje. In Zuid-Duitsland regen en harde windstoten.  De temperatuur daalde in de regen tot 9 gr.C.
Doorgereden tot Frankfurt, daar op een rasthof gaan staan om te overnachten. We hebben nog 350 km. te gaan.

Zaterdag, 22 september:
We zijn weer thuis. Na 7600 kilometer gereden te hebben, zonder noemenswaardige problemen, daar kunnen we dankbaar voor zijn.